fbpx
overdracht van rechten

Overdracht van rechten versus licenties: Paul Johnson – Get Get Down

Het Amerikaanse platenlabel MIX CONNECTION MULTIMEDIA INC (“MCM”) heeft een tijd geleden een zaak aangespannen tegen HIGH FASHION MUSIC B.V. (“HFM”), een Nederlands platenlabel. De Amerikanen stelden zich namelijk op het standpunt dat zij met producer Paul Johnson op 1 juli 1998 (onthoud de datum) een exclusieve artiestenovereenkomst zijn aangegaan en dat zij (mede) daarom mastereigenaar zijn van zijn best scorende wereldhit “Get Get Down”. Er zou een automatische overdracht van rechten hebben plaatsgevonden aan MCM en daardoor kon Johnson geen geldige licentie meer geven aan HFM. Hij was die rechten immers kwijt.

Artiestenovereenkomst versus licentieovereenkomst

MCM is van mening dat de Nederlanders inbreuk maken op haar masterrechten, omdat HFM zonder de toestemming van MCM de track exploiteert in binnen- en buitenland. Volgens MCM heeft HFM op 14 december 2009 (onthoud ook deze datum) een licentieovereenkomst gesloten met Johnson over de exploitatie van het nummer Get Get Down. MCM zegt daarbij dat HFM daarbij wist (of behoorde te weten) dat Johnson die licentie helemaal niet mocht verlenen, omdat hij exclusief bij MCM was getekend. Dat komt volgens MCM neer op het uitlokken van Johnson om daar zelf van te profiteren, en dat is niet fair.

Bevoegdheid en toepasselijk recht

In dit soort zaken kijkt de rechter altijd eerst of hij/zij wel mag oordelen over het geschil. In deze zaak spelen er natuurlijk andere nationaliteiten, landen, contracten en rechtsstelsels. De rechter zegt daar het volgende over in rechtsoverweging (“r.o.”) 2.4:

Omdat de zaak een internationaal karakter draagt, moet de rechtbank eerst nagaan of zij bevoegd is om een oordeel te geven over het geschil en welk recht zij daarbij moet toepassen. De rechtbank acht zich bevoegd om de zaak te behandelen op grond van artikel 4 van de toepasselijke EEX Verordening (nr. 1215/2012), omdat HFM gelet op haar statutaire zetel woonplaats heeft in Nederland. HFM heeft de bevoegdheid van de Nederlandse rechter ook niet betwist. Nu MCM in Nederland nabuurrechtelijke bescherming inroept, is Nederlands recht van toepassing op de vorderingen. De voorvraag of MCM inderdaad een beroep op nabuurrechtelijke bescherming toekomt, moet evenwel naar Amerikaans recht worden beoordeeld. Het gaat om de vraag of MCM rechthebbende is geworden van de rechten op de track op grond van een overeenkomst, die is gesloten in de Verenigde Staten tussen twee Amerikaanse partijen naar Amerikaans recht.

Zo zie je dat het dus nog best wel complex kan zijn om te kijken of een rechter überhaupt naar de zaak mag kijken. Goed om even in je achterhoofd te houden bij het sluiten van contracten met buitenlandse partijen: je kan kiezen voor een bepaald recht en een rechter. Dat kan een uitwedstrijd voorkomen.

Overdracht van rechten door artiestenovereenkomst

Weet je de 2 data’s nog die je moest onthouden? De artiestenovereenkomst was van 1 juli 1998, de licentieovereenkomst van 14 december 2009.

Johnson had de verplichting om minimaal 16 complete masteropnames aan te leveren. Get Get Down was er daar één van. Hij heeft de originele DAT-masteropname dan ook in de zomer van 1998 aan MCM gestuurd en de rechten daarvan aan MCM overgedragen.

Work for hire

Het is erg interessant om eens te lezen hoe de Nederlandse rechter het Amerikaanse recht toepast. Je kan dit lezen in r.o. 2.7 e.v. Wat ik vaak teruglees in contracten, is dat er een work for hire-constructie wordt toegepast die lijkt of gelijk is aan de bepaling in het contract van Paul Johnson:

The results and proceeds of Your services hereunder are “works made for hire” as defined in the U.S. Copyright Act of 1976, as amended (the “Act”). You are an independent contractor and not Company’s employee.

Interessant genoeg is de rechter van mening dat de rechten van Johnson hiermee niet bij voorbaat worden geacht aan het label toe te komen. Dit is uiteraard wél de bedoeling geweest. Het zal overigens de bedoeling nog steeds zijn bij Amerikaanse partijen die deze bepaling gebruiken, maar de Nederlandse rechter vindt dus dat de regeling niet zozeer geldt voor platencontracten in deze situatie. Ten eerste was Johnson niet in loondienst bij het label. Ten tweede moet een ‘werk in opdracht’ onder een aantal limitatief opgesomde gevallen vallen om te voldoen aan de work for hire-regel (waarbij het recht dus toekomst aan degene die hired) en daarvan was hier geen sprake.

Dit neemt niet weg dat voor auteursrechten (platencontracten gaan over naburige rechten) de regeling wel zou kunnen gelden. NB: als er een andere verwoording is van zo’n bepaling, zou dit ook invloed kunnen hebben. Wil je meer weten over dit leerstuk, lees dan r.o. 2.7 tot en met 2.11 van het vonnis even door.

Assignment of rights

Maar goed, de rechter vindt dat er ook nog een andere overdrachtsbepaling in het contract staat, waarmee de rechten wel bij voorbaat en rechtsgeldig zijn overgedragen aan MCM. Belangrijk om vast te stellen is dus: Johnson is een exclusieve platendeal aangegaan met MCM en heeft het masterrecht op de track Get Get Down in 1998 aan MCM overgedragen.

Vervolgens geeft de rechter in rechtsoverweging 2.12 aan hoe het Amerikaanse auteursrecht werkt en hoe de overdracht van rechten daar is geregeld:

Een “sound recording” zoals de track kan voor “copyright protection” oftewel auteursrechtelijke bescherming in aanmerking komen als er sprake is van een origineel werk. Deze bescherming ontstaat op het moment dat het werk is vastgelegd in een tastbare vorm, zoals een opname. Deze rechten kunnen door de rechthebbende in zijn geheel of voor een deel worden overgedragen. Daarvoor geldt een schriftelijkheidsvereiste dat inhoudt dat de overdracht moet zijn vastgelegd in een schriftelijk stuk, zoals een akte of anders een “note” of “memorandum of the transfer”, dat door de rechthebbende is ondertekend. De Amerikaanse auteurswet kent geen bijzondere vereisten voor overdracht van auteursrechten op toekomstige (nog niet gecreëerde en vastgelegde) werken. Zulke rechtshandelingen worden gekarakteriseerd als de verlening van een “copyright expectancy”, die bij het ontstaan van de auteursrechten tot een volwaardig recht aansterkt. De in de muziekindustrie gehanteerde contractsbepalingen waarbij de rechten op alle gedurende een bepaalde periode door de artiest af te leveren werken aan de exploitant toekomen zijn rechtsgeldig. De wet bevat geen bepalingen die deze mogelijkheid beperken. Op grond van statelijke wetgeving kunnen wel beperkingen gelden, bijvoorbeeld voor wat betreft de duur van zo’n overeenkomst.

Fascinerend!

Overdracht bij voorbaat

Leuk om te lezen is dat Gary Adelman, een bevriende advocaat, een memo heeft geschreven voor deze zaak over de overdracht bij voorbaat van auteursrecht. Dat is blijkbaar ook in Amerika mogelijk. Overdracht bij voorbaat betekent dat je de rechten overdraagt aan een andere partij (bijvoorbeeld een label of publisher) op het moment dat ze ontstaan. De tegenhanger daarvan is dat de rechten door middel van een overdrachtsakte per keer moeten worden overgedragen. Ofwel: automatisch versus handmatig.

Ongeldige licentie door eerdere overdracht van rechten

Omdat Johnson de rechten in 1998 al in eigendom aan MCM had overgedragen, kon hij daarover daarna niet meer zelf beschikken. De licentie die hij in 2009 heeft verleend, is daarmee ongeldig. MCM was namelijk op dat moment rechthebbende en niet Johnson. Je kan geen rechten weggeven die je niet hebt. HFM zal daar flink van balen, want zij zijn de track toch gaan exploiteren, vanuit de gedachte dat Johnson de rechten aan hen kon overdragen en de licentie dus gewoon geldig was.

Tip: neem als exploiterende partij altijd een garantie op in je contract dat de partij van wie je de rechten krijgt, bevoegd is om over de verleende of te verlenen rechten te beschikken. Een garantie is eigenlijk een soort ‘superbelofte’. Als je die verbreekt, ben je zwaar de pineut.

Conclusie

Omdat HFM de track heeft geëxploiteerd, zonder dat zij daartoe bevoegd was (de licentie van Johnson was immers niet geldig, omdat de rechten in eigendom bij MCM lagen), heeft MCM schade geleden. Hoeveel die schade precies is, moet nog komen vast te staan. De rechter gaat dit bepalen in een zogenaamde ‘schadestaatprocedure’.

HFM moet wel stoppen met de exploitatie van de wereldhit. Als zij toch doorgaat, dan krijgt ze een boete in de vorm van een dwangsom. Dat lijkt mij een goede stok achter de deur want voor het een geldt € 10K per overtreding + € 5K per dag dat de overtreding voortduurt, met een maximum van een half miljoen en voor het ander geldt € 5K per dag, ook met een maximum van € 500K.

Proceskosten in intellectueel eigendomszaken

Wat ook nog wel een zure is voor HFM: omdat zij de zaak verliest, moet zij de proceskosten betalen van MCM. De advocaatkosten bedragen € 20.210 exclusief btw. Het rapport van de Amerikaanse advocaat Gary Adelman kostte daarnaast nog eens $ 10.250. De advocaatkosten worden gemaximeerd vergoed tot € 20K, maar door wat bijkomende kosten voor griffierechten en deurwaarderskoten alsnog op € 20.724,01 uit.

To be continued

Ik ben erg benieuwd naar wat er uit de schadestaatprocedure komt, of partijen voor die tijd nog gaan schikken en of High Fashion Music in hoger beroep gaat tegen de uitspraak. To be continued dus…

Vragen over de overdracht van rechten of licenties?

Wil jij meer weten over de overdracht van rechten en licenties of heb je bijvoorbeeld een platencontract dat je wil laten checken? Neem gerust even contact op voor de mogelijkheden.

Sander Petit

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

%d bloggers liken dit: